Belgium by night

Zoals je wel of niet weet ben ik nogal aangetrokken tot het grote avontuur op de fiets. Lange fietstochten maken en nieuwe streken zien. Een ganse dag op de fiets, dat is voor mij echt genieten. Sedert ik een tiental jaar geleden het bestaan van het randonneursgebeuren leren kennen heb, heb ik mezelf altijd voorgenomen om lange tochten te doen. Dit lukt helaas niet altijd. Er zijn altijd wel links of rechts wat sociale verplichtingen en er is ook nog een vrouw en kind die mij ook wel nog graag eens thuis zien. Alhoewel ik zeker niet mag klagen over de vele ritten die ik kan doen en waarbij ik een evenwicht kan houden tussen gezin en fietsen, moet ik zeker niet proberen om iedere week 200km of meer te fietsen. Het is te zeggen, ik kan dat wel proberen maar het slot van de voordeur zou misschien wel plots veranderen. 😉

Sedert vorig jaar heb ik meer tijd om te fietsen en doe ik dus langere tochten. En door meer lange tochten te fietsen, gaat er opnieuw een wereld open van ritten waarvan je nog nooit gehoord hebt, zoals de Duo-diagonaal die onlangs weer is gereden. Ik heb deze vorig jaar leren kennen en zou deze graag eens rijden. Ik ga niet uitleggen wat de Duo-diagonaal is maar een leuke post door iemand die deze gereden heeft, is hier te vinden. De afstand is iets waar ik al enkele keren dichtbij gekomen ben. Wat voor mij een grote onbekende is, is ‘s nachts rijden. Want ja, deze rit wordt hoofdzakelijk ‘s nachts gereden.

Ik wilde dus al een tijdje eens een echte nachtrit doen. Maar dat plan je niet zomaar in. Maar gisteren vielen alle puzzelstukjes plots op zijn plaats. Ik kan namelijk even niet doordoen aan mijn verbouwingen. Ik heb dringend nood aan wat extra fietskilometers. En mijn vrouw en ik waren uitgenodigd op een verjaardagsfeestje in Asse. Nu, we konden daar door omstandigheden samen niet naartoe. Maar nu had ik plots een reden om een nachtrit te doen en onderweg eens een proficiat te wensen aan @ntone!

Zo gezegd, zo gedaan. Op donderdag vlug een route in elkaar geflanst zonder al te veel over na te denken. Bleek dat Asse op zo een 86km van Kortrijk lag. En ik merkte meteen op dat het Atomium eigenlijk kortbij lag. Een 2de mooie stop dus om te maken. En van het Atomium kon ik makkelijk inpikken op de route naar Kortrijk die ik al gereden had vorig jaar om van Kortrijk naar Malmedy te rijden dus ik wist dat die route wel ok zou zijn.

Op vrijdagavond om 17u30 begon mijn ritje dus. Met een grote zak goesting, 5 botersandwichen met een royale laag boter en choco, 2 suikerwafels, 2 1l bidons en poeder om onderweg die bidons bij te vullen zette ik aan. De fiets was voorzien van lampen vooraan die fel genoeg zijn om de weg voor me te verlichten en achteraan goed genoeg om me zichtbaar te maken in het verkeer.

Vooraan 2 lampen. Eentje die meer dan voldoende is om op verlichte banen zichtbaar te zijn en extra zichtbaarheid te geven voor mij en eentje die me bij complete duisternis genoeg licht zou geven om toch te kunnen blijven rijden. Achteraan vind je mijn Bike Balls die zeer goed zichtbaar zijn en doordat ze los hangen continu slingeren en zo extra zichtbaar zijn. Achteraan mijn helm hangt er nog een lamp met 2 fel knipperende rode LEDs.

De rit naar Asse was voor mij dus een grote onbekende en ik reed dus gewoon compleet op GPS niet wetende langs waar de route me zou brengen. Ik was zeer aangenaam verrast dat de route me een flink stuk langs het jaagpad van de Dender bracht. Een van de mooiste jaagpaden die er zijn langs een prachtig stuk natuur. En net op dat moment begon de zon er een einde aan te breien van de dag waarbij ik een mooie foto kon nemen. Google was zo vrij om mijn foto automatisch te stileren waardoor de foto er nog prachtiger uitziet.

Een half uurtje later stond ik in Asse maar vond ik niet direct het zaaltje waar ik moest zijn. Gelukkig stopte er net een dame aan wie ik de weg kon vragen. Dan rij je eens weg van je woonplaats om dan net een West-Vlaming te spreken. En evenmin als ik kende zij zelf eigenlijk de omgeving niet zo goed. Ze kon me wel in de juiste richting wijzen. We stonden letterlijk op 50m van de zaal :D.

Eerste stop gehaald zonder pech en zeer veel bevriende twitteraars kunnen zien. Tijd om mijn sandwiches op te eten en wat recupdrank tot mij te nemen. Een goeie motor draait niet zonder brandstof he. (Kleine noot: Het was geen Duvel maar wat het wel was, weet ik niet meer)

Ik had eigenlijk best wel zin om langer te blijven omdat er zoveel tweeps waren die ik nog verder wou spreken maar ik heb van mijn hart een steen gemaakt en mijn bidon hervuld, nog een extra colaatje genomen, wat chips en borrelnootjes en terug vertrokken. Volgende halte was BXL-city!!

Het verraste me hoe makkelijk ik van deze kant in BXL stond. Nog geen 15km later stond ik al aan het Atomium en niet veel later al aan de basiliek. Ik wist zelfs niet dat ik langs de basiliek zou passeren. Tot dan vielen de wegen in BXL wel mee. Mede doordat er niet zoveel verkeer meer was (het was al na tienen) en ik de indruk had dat ik net naast de invalswegen aan het fietsen was.

Jammer genoeg hield ik mijn GSM scheef vast. Reden genoeg dus om nog eens terug te gaan 😀

Eenmaal ik goed en wel weg reed van het Atomium begon de miserie eigenlijk. Ik had via mijn routeplanner zonder na te denken gewoon automatisch een route laten uitstippelen van aan het Atomium tot in Pepingen, waar ik op de route zou inpikken van Kortrijk naar Malmedy, maar dan omgekeerd natuurlijk. De route liep vanaf dan voor een kilomter of 9 langs een grote weg en ik was naïef te denken dat er fietspaden zouden liggen.

Niks daarvan dus. Hier en daar een stukje maar hoofdzakelijk moest ik op de baan rijden, die een tweevaksbaan was en die naar mijn mening soms nauwelijks breed genoeg was voor twee voertuigen. Ik mag eigenlijk best mijn twee handen kussen dat ik hier ‘s nachts reed want overdag zou ik hier zeker en vast van mijn sokken gereden worden. Nu nam ik quasi een baanvak in voor mijn eigen veiligheid en dienden de voertuigen naar het andere vak te gaan om langs mij te passeren. En verkeerslichten. Quasi ieder kruispunt had ik rood licht. En als ik nu achteraf naar de route kijk, zou ik niet eens direct een beter alternatief kunnen voorstellen dan vanaf het Atomium een stuk terug te keren en rond BXL te rijden. Nu, ik heb het overleefd en dat heb ik eigenlijk grotendeels te danken aan het feit dat BXL quasi verlaten is ‘s nachts. Ik kan me niet voorstellen hoe je hier overdag als fietser kan rijden zonder ongevallen.

Eenmaal voorbij Anderlecht begon ik terug kleinere banen te hebben. Vanaf hier begon naar mijn aanvoelen het echte nachtrijden. Niet iedere baan was verlicht en ik had dan ook mijn lampen nodig. Of anders gezegd, 1 lamp want mijn ene lamp gaf al na 5 minuten de geest. Vergeten op te laden. Gelukkig was dit mijn minst felle lamp.

‘s Nachts rijden is toch wel speciaal. De bochten neem je voorzichtiger omdat je niet zeker bent als er iets van steentjes of putten ligt. Afdalingen neem je natuurlijk ook een pak voorzichtiger omdat je niet zo ver kan zien en anticiperen overdag. En je moet wel wat vertrouwen hebben in je eigen kunnen. Als je niet met voldoende vertrouwen op je fiets zit, ga je ‘s nachts rijden echt niet leuk vinden. Je rijdt af en toe in een put. Je rijdt eens over een steen of iets anders. Dat moet je gewoon een beetje ondergaan.

Ondertussen begon ik wel redelijk wat last te hebben van mijn onderrug. Door de afgelopen weken veel gebogen te werken en veel dingen te heffen, had ik al wat last gekregen van de spieren in mijn onderrug. Dit wreekte zich nu toch wel al na een 120km. Tijd om een mentaal truukje toe te passen namelijk minidoelen zetten. Mijn eerstvolgende stop zou op 140km zijn. Dan zou ik eens de rug ontlasten, een plaspauze houden en iets eten. Doordat je een minidoel zet lijkt het einddoel, dat nog 87km verwijderd is, minder lang en ver.

Toen ik bijna aan 140km zat, zag ik dat ik door Tollembeek reed. Ik herinnerde me plots dat de route in principe langs het standbeeld van Urbanus liep. En ja hoor, een minuutje later zag ik Urbanus staan samen met Amedee en Nabuku Donosor. Ideaal als stop. Vlug even een foto nemen, even plassen (niet tegen het standbeeld!) en een suikerwafel eten.

Ik deed mijn regenjasje aan en een extra buff op mijn hoofd. De temperatuur was ondertussen al richting het vriespunt aan het gaan en ik begon op de fiets toch wat koud te krijgen. Ik was mezelf zeer dankbaar dat ik in extremis toch beslist had om deze mee te nemen want ik weet anders niet hoe ik zou thuis geraakt zijn.

Met hernieuwde moed vatte ik mijn tocht opnieuw aan. Ik wist nog dat er nu nog enkele moeilijke kilometers aankwamen. De tocht ging nu immers door de Vlaamse Ardennen. En alhoewel ik de route de echte heuvels mijdde, wist ik dat er niet veel vlakke wegen gingen komen de komende 50 a 60km.

Na een 15tal km begon de rug opnieuw op te spelen en ik zette mijn volgend minidoel op 180km. Nog eventjes te gaan maar ik wist dat als ik eenmaal daar ben, ik slechts een uurtje meer te gaan had. Dat motiveerde me wel. Het tempo stokte nu wel door het constante op en neer gaan van de route. Mentaal begon het zijn tol ook wat te eisen nu. Toen de 180km in het zicht kwamen, zag ik dat ik bijna in Berchem, nabij Kluisbergen was. Vanaf daar ken ik de wegen al iets beter en wist ik dat de route quasi vlak zou zijn. Dit gaf me mentaal wel weer een boost en ik reed nog even verder om rond de 183km een laatste stop te doen bij een krantenwinkeltje waar er een bank buiten stond. Door de koude en het niet meenemen van overschoenen, begon ik nu wel pijn te krijgen aan mijn voeten. Een vlugge stop dus en hup met de geit. Vanaf nu begon het aftellen. Ik perste er de laatste restjes mentale en fysieke eruit en begon kilometer voor kilometer af te tellen. En zo kwam ik omstreeks 03u40 thuis.

Tijd om nog wat te eten en een lekker warme douche te nemen. Doordat ik niet meer fietste en gewoon stilzat aan de eettafel, begon ik plots zeer koud te krijgen. Vlug gegeten en een hete douche genomen en dan natuurlijk bedje binnen voor een welverdiende nachtrust.

Wat heb ik nu geleerd van deze avondrit?
1. Meer kleren meedoen
2. Toch even kijken om iets van fluokledij aan te schaffen
3. ALLE lampen opladen voor vertrek
4. Bochten en afdalingen verlopen een stuk trager. Misschien ook eens nadenken om nog een extra lamp te monteren voor nog meer overzicht
Maar vooral, los van de pijntjes die ik had wegens de verbouwingen, lukt nachtrijden me. Dus dit opent perspectieven naar volgend jaar toe voor de duo-diagonaal.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *