Fiets3Daagse

Ja, je leest het goed. Fiets-3-Daagse. Dus geen blogpost over wat geweest is maar over wat nog moet komen. En dat is de Fiets3daagse die Jonathan en ik gaan rijden op 10, 11 en 12 juli. Ditmaal rijden we de Ronde van Vlaanderen. Of toch bij benadering. Het is niet dat we letterlijk de grenzen van Vlaanderen zullen volgen maar eerder een aaneenschakeling van de 4 LF routes. Dit zijn grote fietspaden die doorheen Vlaanderen lopen. De Ronde van Vlaanderen bestaat uit een samenstelling van LF1, LF5, LF6 en LF7. In totaal een route tegen de 830km.

Wij plannen om de route in 3 dagen te rijden. We zullen verblijven bij gastgezinnen die zijn aangesloten bij “Vrienden op de fiets”. Het grote verschil met de fiets4Daagse is dat we nu onderweg niet kunnen rekenen op extra bagage en dat we alles zelf zullen moeten meedoen. Het is nog een beetje zoeken wat ik allemaal zal meenemen op de fiets. Veel zal ook afhangen van het weer. En de kans is zeer groot dat het zal regenen. Sowieso zullen Jonathan en ik materiaal delen om de bagage te beperken.

Woensdag starten we om 5u en rijden we de langste rit. De benen zullen dan nog fris zitten. In het begin hebben we wel wat hoogtemeters als we door het Heuvelland rijden maar nadien wordt de rit best wel vlak.

Op dag 2 zijn de kilometers een pak minder en krijgen we een vrij lange vlakke aanloop waarna we de laatste 50 kilometer met wat hoogtemeters afsluiten.

Dag 3 wordt een zware dag met een pak hoogtemeters. En als ik zo alles nu op een rijtje plaats,vraag ik me af of de route niet beter omgekeerd hadden gereden. Maar moeilijk gaat ook. Ik kijk er in ieder geval naar uit en het is weer een stap dichter naar wat ik uiteindelijk eens wil doen en dat is een meerdaagse fietstrip zonder overnachting in een bed. Ieder jaar dus een beetje de grenzen verleggen en stap voor stap zien waar voor mij de grens ligt. Ik wil er namelijk niet halsoverkop invliegen met het risico dat ik een pak (duur) materiaal heb gekocht voor iets dat me mogelijks niet bevalt. Na de Fiets3daagse zal ik terug een verslag schrijven en op Instagram zal ik het niet laten de nodige drink- en eetstops te fotograferen.

Vuurtorenrit

Deze winter had ik me voorgenomen om te proberen een keer per maand een langere fietstocht te maken dan de standaard ritten tussen 80 en 100km. Dat moet daarvoor niet 300+ ofzo zijn. Naargelang het weer, de conditie, beschikbare tijd en vooral de goesting kon ik dan wel zien wat ik zou fietsen. Na verloop van tijd ken je ook wel in een straal van 50km quasi alle mooie fietsbanen en zoek je eens iets opnieuw. Ik zoek daarom naar een thema of een plaats waar ik eens naar wil rijden. Zo kwam ik een vuurtoren in Breskens op het oog.

Op foto zag deze vuurtoren er wel mooi uit dus begon ik een rit te plannen. Het idee was om mijn langste fietsrit te verbreken en dus een rit van meer dan 300km te rijden. Echter door de verbouwingen (hier en hier) viel het plan om maandelijks een grote rit te doen en dit op te bouwen volledig in het water. Fast Forward naar nu.

Het idee zat nog steeds in mijn hoofd. En na een goeie fiets4daagse en met een nieuwe fietstrip in aankomst rijpte het idee om nog eens solo een lange rit te doen. De zoon zit momenteel bij mijn ouders op de camping in Nederland dus rijpte plots het idee om de vuurtoren te bezoeken en ondertussen eens de camping te bezoeken. Het zou echter geen 300km+ rit worden, maar wel eentje boven de 200km.

Zodra ik mijn plannen bekend maakte aan de vrouw kreeg ik echter de opdracht om de fietshelm en een extra zwembroek mee te nemen op de koersfiets. Niet zo handig maar we waren dit vergeten mee te geven. Het nuttige dus aan het aangename koppelen. Zo gezegd, zo gedaan en zo vertrok ik op dinsdag om 5u40 richting mijn eerste stop namelijk de vuurtoren in Breskens met een extra fietshelm en een zwembroek in de achterzak.

Voor de gelegenheid gebruikte ik enkel mijn frametas en opzetstuur. Het zou een zo goed als vlakke rit worden met meer dan voldoende plaatsen om eten en drinken te kopen indien nodig. Geen nood dus aan veel zakken. De rit zelf liep langs de Leie tot in Landegem om daar het kanaal van Schipdonk te volgen om dan net voorbij Adegem Nederland binnen te rijden. Door het vroege uur was het nog zeer rustig op de jaagpaden maar was het al klaar genoeg om te kunnen genieten van het landschap. En een zelf uitgestippelde rit kan nooit zonder een stukje off-road gaan, alhoewel het deze keer slechts een meter of 30 was.

Ondertussen begon de wind wat aan te wakkeren en voorbij Oostburg bevond ik me in een typisch Polderlandschap. Open, vlak en winderig. En jammer genoeg zat de wind tegen maar ik liet het niet aan mijn hart komen. Een kleine 15km kwam ik namelijk al aan iets voor Breskens waar ik al langs de dijken kon rijden. En zoals het de reputatie van Nederland betaamt, waren dit zalige fietspaden en met een fantastsich zicht op de monding van de Westerschelde.

En niet veel later kwam het moment waarvoor ik gekomen was: De vuurtoren!! Op foto leek dit een superhoge toren. In de praktijk bleek deze toren niet zo groot als vele foto’s tonen maar mooi was hij wel en in een mooie setting.

Vanaf hier reed ik verder naar Terneuzen met stukken naast en op de dijk. Ik heb quasi geen medefietsers of voertuigen tegengekomen en ik had de wegen voor mij alleen. Hier kwam ik op een gegeven wel een 2de stukje off-road tegen maar het was niet meer dan aangestampte gravel voor een kleine kilometer waarop je eigenlijk toch nog goed kan doorrijden.

Voorbij Terneuzen reed ik terug de Polders in en arriveerde ik op de camping bij de ouders. Wat drinken inslaan bij bij hen en wat koffiekoeken en snoep kopen op de campingwinkel en natuurlijk even gedag zeggen tegen de zoon.

Na een 45-tal minuten besloot ik om terug te vertrekken. Er was nog een kleine 90km te gaan. Ik reed binnendoor om dan opnieuw ter hoogte van Landegem de Leie op te gaan om zo naar Kortrijk te rijden. Na een 8-tal uur kwam ik terug thuis aan met een zeer tevreden gevoel over de benen. Ik voel me meer dan klaar voor de aankomende fiets3daagse die Jonathan en ik zullen rijden op 10-11 en 12 juli. De rit zelf van vandaag vind je hier.

Fiets4Daagse Dag 4: Terug naar huis

De laatste dag. De wekker ging om 6u af. Beiden probeerden we met ons beste beentje uit bed te stappen en onmiddellijk voelden we dat onsbeste beentje niet zoveel voorstelde. Ik had vooral een niet zo goed gevoel in mijn linkerbeen iets boven de knie. Alhoewel de benen alletwee pijn deden, was er daar een plaats ter grootte van een tennisbal die toch meer tegentrok en meer pijn deed. En de trap afgaan naar keuken om te ontbijten was toch moeizaam. Maar ik wist ondertussen ook dat dat gevoel op de fiets soms helemaal anders kan zijn dus geen paniek. We begonnen ons ontbijt met elk een koffie te nemen. De bewoners lagen nog te slapen en hadden ons gezegd dat de koffiemachine de bonen vers maalt en “wat lawaai” maakt. Maar we dienden ons geen zorgen te maken want ze zouden er wel doorslapen. “Wat lawaai” is zeer relatief. De machine maakte een hels lawaai.

VID_20190617_063030038

Na het ontbijt de bidons opnieuwbijvullen, alles weer mooi steken in de fietszakken en om 7u waren we klaar om de laatste etappe aan te vangen. In het begin was het parcours nogal glooiend en was het lastig maar uit de voorbereiding van de rit wist ik dat het een relatief vlakke rit zou worden. En eigenlijk vielen de benen wel mee. De dag begon direct zonnig en er was zelfs geen wolkje aan de lucht. Ideaal fietsweer.

Na wat glooiende wegen reden we Nederland binnen en gingen we richting Maastricht. Meer afdalen dan klimmen dus. Ideale start. De route ging dwars door Maastricht. Ik trachtte wat kleine weggetjes te volgen en niet de hoofdwegen. Zo ben ik dat imers gewend om te doen in de steden hier. In Nederland dus totaal niet nodig. Tijdens de ochtendspits zagen we meer fietsers dan auto’s en kon je met een gerust hart de grote verkeersassen nemen om zo door de stad te rijden. Enig minpunt is het verbod op snorren in Maastricht op sommige fietspaden.

Na Maastricht reden we al vlug door de fruitstreek. We reden op kleine weggetjes doorheen de fruitgaarden en landbouwgronden. Prachtig om te zien. Zo goed als geen verkeer, vlakke wegen, geen bebouwing en de zon.

Al vlug stonden we in Waanrode waar we ons middagmaal zouden eten. We stopten bij Van Bets Living waar we een zeer lekkere spaghetti gegeten hebben. Het smaakte echt. Met natuurlijk opnieuw een cola.

Na het eten wou ik nog even nagenieten en heb ik me 5 minuutjes op de bankjes gelegd. Het was ondertussen al warm buiten en de drankvoorraad ging er weer vlug doorheen.

Na de pauze terug op de fiets en richting volgende stops. Het volgende gedeelte was even Route Touristique. Altijd leuk om wat bezienswaardigheden te ontdekken tijdens de rondrit. Al vlug stonden we zo bij de Vlooyberghtoren. En even later reden we langs het kasteel van Horst. Dat zei Jonathan niet veel maar ik las vroeger vaak de strips van de Rode Ridder en dan is dit kasteel je echt bekend. Fantastisch hoe herkenbaar dit kasteel is door de tekenkunsten van wijlen Willy Vandersteen.

Terug tijd om weer wat tempo te maken nu het eten wat gezakt was. Een anderhalf uur later reden we door Meise en was onze drank op. Het weer was warmer dan voorspeld. En toen we een krantenwinkeltje zagen beslisten we onmiddellijk om halt te houden en de bidons bij te vullen en een frisse cola te drinken. Het tempo was zeer strak en we zagen al vlug dat we ons qua tijd geen zorgen dienden te maken. De zorgen die we ons maakten over onze benen waren niet nodig en de beslissing om dit jaar een vlakkere route naar huis te kiezen was echt een zeer goede keuze. De moraal zat zeer goed en het was echt genieten op de fiets. En ondertussen blijven foto’s posten en Coca Cola taggen om wat sponsoring te versieren :D.

Vanuit Meise was het voortdenderen naar Teralfene waar ik wist dat we het jaagpad langs de Dender zouden nemen. Een mooi smal jaagpad. Misschien zelfs het mooiste jaagpad van België. Prachtig om te rijden. In Schendelbeke zouden we van het jaagpad gaan en onze laatste eetstop hebben. De benen voelden nog goed en Jonathan had er ook zin in dus staken we nog eens de turbo aan en reden we goed door naar de volgende stop. Dit was een broodjeszaak. We kochten nog wat extra water voor de bidons want koele drank op de fiets deed echt wel deugd. Normaal vragen we telkens op onze stops om onze bidons te vullen met kraantjeswater maar wegens de temperatuur was het toch leuker om nog koelere drank te hebben.

Na Schendelbeke reden we richting Ronse waar we een prachtige ravel ontdekt hebben. Een smal paadje tussen de bossen weg van alles. Deze rit was eigenlijk een van de mooiste die we op de fiets4daagse gereden hebben. Ik vreesde er een beetje voor omdat we uiteindelijk toch door vele gemeenten passeerden maar deze vrees was totaal ongegrond. Ter hoogte van Ronse vermeed ik de klimmen. De keerzijde was wel dat we een flink stuk off-road gingen. Jammer genoeg reed Jonathan hier plat. Maar ondertussen hadden we toch een mooi uitzicht he.

Voor de dagtrippers onder ons heb ik zelfs een videootje gemaakt met de gekende zeer stille audio. De moraal was dus zeker nog hoog genoeg om er over te kunnen zeveren. En dat na meer dan 200km. Top!

plat_x264

Even later konden we verder en reden we via het fietspad te Avelgem naar Zwevegem en zo via het jaagpad van het kanaal naar het Guldensporenpad te Kortrijk. Ik had er nog zin en stelde voor aan Jonathan om nog wat kop te trekken. Brommertje in gang en snorren maar. Eenmaal op het Guldensporenpad besloten we om ons nog eens helemaal leeg te rijden. Zo gezegd, zo gedaan en de laatse kilometers gingen we richting de 35km/u. Alles toppie dus nog 😀 Zo kwamen we uiteindelijk op een mooi uur aan in Kortrijk waar we nog even tijd namen voor een laatste selfie om onze fiets4daagse af te sluiten. Uiteindelijk sloten we de 260km lange rit af met een gemiddelde van 25.7km/u. Maar belangrijker was dat we een zeer mooie rit gehad hebben met mooi weer. En dat we 4 dagen kunnen fietsen hebben en veel fietsplezier hebben gehad. Het volgende op de agenda is nu de fiets3daagse. Maar later meer daarover.

Fiets4Daagse Dag 3: Tour de Malmedy

Dag 3 van de fiets4daagse. De trap afgaan brandt al goed in de benen. Vandaag waren er verschillende opties om te rijden. Sommigen hadden hun MTB mee om off-road te gaan. De rest kon kiezen uit een grote toer en een kleine toer. Tom en ik kozen voor de grote toer. Jonathan koos voor de kleine. Hij wou geen risico nemen met het oog op de terugrit naar Kortrijk en wilde fit aan de start staan maandagochtend.

De moral zat nog goed en Tom zag het ook wel zitten. Logisch ook aangezien hij een superklimmer is en momenteel in topvorm verkeert daar hij de Tour de Mont Blanc rijdt binnenkort (zottenwerk). Voor hem zou dit ritje dus eerder losrijden zijn.

WE starten zoals gewoonlijk met de afdaling van de Cote de Chodes. Eenmaal beneden begonnen we aan een rit rond Malmedy met al eerst klim al direct Ferme Libert. Een zeer ferme kerel en even dacht ik dat ik zou moeten afstappen op het steilste gedeelte die wel tot 18.8% gaat. Gemiddeld is deze klim 11.3% en 1.3km lang. Een zware noot voor mij om te kraken aangezien de benen allesbehalve fris waren.

Eenmaal boven reden we nogmaals richting de Rosier. De benen begonnen al wat los te komen en aangezien Tom meer aan het losrijden was, kon ik hem steeds gebruiken als mikpunt. Wat er natuurlijk voor zorgde dat ik eigenlijk iets te vlug naar boven reed om goed te zijn maar ja, ik rij niet iedere dag in de Ardennen. Volop er voor gaan dus.

Eens over de Rosier daalden we af naar de grote baan in La Gleize om zo naar Trois Ponts te rijden. Daar stak Tom zijn motor in gang en moest ik harken om bij te blijven. Eenmaal in Trois Ponts reden we direct door naar Thier de Coo. Sowieso al een lastige helling. Vandaag nog ietsjes meer. Het laatste steile stuk deed echt pijn en was serieus op de tanden bijten. Desondanks verbeterde ik mijn PR! Op naar de volgende helling!

Vanaf nu waren er niet echt lastige klimmen meer. De volgende twee klimmen waren voor mij nobele onbekenden. Kleine weggetjes, geen verkeer en vooral, wat een uitzicht. Zo mooi dat Tom en ik besloten halverwege de helling te stoppen en een foto te nemen van de vallei.

Eenmaal boven volgde er een lange afdaling die door centrum Malmedy leidt en zo hebben we onseerste deel van Tour de Malmedy gereden. Wat volgt is een, voor mij althans, verplichte helling als je in de streek bent namelijk Tros Marets. Dit is de langste helling in België die leidt naar het hoogste punt van België namelijk Signal de Botrange! Het leuke aan deze helling is dat ondanks zijn lengte (9.3km) de gemiddelde stijgingsgraad slechts 3.4% is met een klein steiler gedeelte van 8.1% Ideaal voor mij.

We begonnen aan de helling en Tom was vastberaden om gangmaker voor mij te spelen. Ik besliste om alles op alles te zetten en aan te klampen zolang ik kon. Maar we waren nog niet echt ver voor ik Tom moest lossen. Beetje bij beetje reed hij weg maar ik besloot toch om me 100% in te zetten. Tom kreeg in de gaten dat ik moest lossen en liet zich wat terugvallen. Maar telkens als ik net terug aansluiting vond, versnelde hij op kousenvoeten. Dat werkte op mij als een rode lap op een stier. Vastberaden bleef ik doorgaan. In de laatste kilometers valt de helling nog iets platter. Ik vermoed 1 a 2% en daar zei ik tegen Tom om sneller te gaan zodat ik nog eens goed in mijn kader kon kruipen. Ik had nog net genoeg adem om een klein filmpje te maken. Je hoort me net niet doodvallen van de fiets :D.

VID_20190616_120748242

Even later waren we er. Het hoogste punt van België. Officieel 694m hoog maar er staat een klein torentje die je kan opklimmen om zo op 700m hoogte te staan. Selfietime!!

Vanaf hier reden we een lange afdaling richting Robertville om daar nog wat op en neer te gaan en zo terug naar het vakantiehuis te rijden. Een mooie brommertraining voor mij met enkele zeer mooie klimmen. En zo was de laatste echte rit met WTC Surplatse ten einde. Toen we arriveerden was de rest van de club er ook al.

Ik nam vlug een douche en deed mijn volgende set verse wielerkleren aan. Jonathan en ik dienden namelijk nog naar onze volgende overnachtingsplaats te gaan. We gaven onze valiezen mee met de clubleden die naar huis gingen en hingen onze grote fietszakken terug aan de fiets. Deze maal gevuld met net iets meer gerief op vrijdag omdat we nu wat extra drank, eten en kleren nodig hadden om te overnachten.

Onze stop was in Kelmis, een 10-tal kilometer boven Eupen. Als eerste dienden we nogmaals over de Botrange te fietsen maar langs de kant waar we die hebben afgedaald. Eenmaal boven vroeg Jonathan als ik wilde stoppen maar door de vermoeidheid in de benen had ik eigenlijk niet veel zin om te stoppen dus filmde ik de passage dan maar.

Naar Eupen_x264

En eenmaal boven volgde eigenlijk een zeer lange afdaling tot aan het stuwmeer van Gileppe. Dit stuwmeer was ons beiden totaal onbekend. We hadden wat moeite om een weg te vinden die ons over de stuwdam heen leidde maar dat was een prachtige passage. Bovenop de dam staat er ook een reusachtig beeld van een leeuw. BLijkt dat dit stuwmeer gebouwd is in 1869 en daarmee een van de oudste is van Europa zowaar.

Eenmaal we het meer voorbij waren, zaten we bijna in Eupen. Ieder stukje omhoog was er voor mij nu wel teveel aan. Gelukkig dat er quasi geen stukken omhoog meer inzaten. Of toch geen lange stukken. In ieder geval nog genoeg om pijn te doen. Even later kwamen we in Eupen aan waar we gingen eten bij Sunny. Een Indisch restaurant.

Daar heb ik voor het eerst Kip massala gegeten, die overigens superlekker was. Er zat veel koriander in en dat kan ik wel smaken. Jonathan nam een typisch Indisch gerecht namelijk Schnitzel met frieten.

Eenmaal gegeten wachtte ons nog maar 13km tot aan onze slaapplaats. Nog enkele kleine hellingetjes te gaan en we arriveerden op onze slaapplaats. De benen waren moe en ik had nood aan wat rust. Nog wat snoep eten en wat recupdrank drinken en eventjes chillen in onze slaapkamer. Terug 50km op de teller en eigenlijk een zeer mooie overgangsrit die meer dan de moeite was. Die nacht heb ik supergoed geslapen. Slechts 260km scheidden ons nu nog van onze thuiskomst.

Fiets4daagse Dag 2: WTC Surplatse Clubrit

Fris en monster op zaterdagochtend rond een uur of 9. Het KMI voorspelde wat regen. Het was niet echt koud maar warm was het ook niet. De clubleden waren zich aan het klaarmaken voor vertrek. Een groep van 16 man sterk. Een mooie bende.

Nog geen 10min na vertrek begon het te regenen. Sommigen hadden al hun regenvestje aan, anderen deden het nu aan. Om na 5 minuten te moeten zien dat het stopte met regenen en de zon door de wolken brak. Persoonlijk heb ik niet graag superwarm op de fiets en ik wist dat Cote D’Amermont eraan kwam. Tijdens het rijden heb ik dus vlug mijn jasje afgedaan en onder mijn fietstruitje gepropt. Net op tijd om aan de klim te beginnen. Een ferme kuitenbijter waar de groep al volledig uit elkaar werd getrokken. In de eerste meters moesten mijn benen nog een beetje losdraaien maar ik voelde dat er wel nog behoorlijk wat kracht in de benen zat.

Ik had nu de keuze tussen volledig verstandig te rijden en telkens iedere klim op souplesse naar boven te rijden of op een groter verzet tempo maken en naar boven rijden. Het werd dus natuurlijk de 2de keuze want verstandig rijden is nooit de leukste optie. 😉 En zo reed ik eigenlijk de ganse dag door. Op de steilere stukken vanuit het zadel op een klein verzet om me niet op te blazen om dan vanaf het percentage naar 8% of minder gaat en danseuse aan te zetten.

Na de Cote D’Amermont reden we een stukje langs de grote baan richting Spa. Op zich een leuke klim ware het niet dat dit een van de grote hoofdbanen was naar Spa/Francorchamps. Er zit daar dus redelijk wat autoverkeer op en dat autoverkeer houdt zich ook niet altijd aan de snelheid. Gevolg was dat we voor de veiligheid op 1 lijn reden wat natuurlijk een leuke foto opleverde. Met de meeste nog in regenvestjes 😀

Even verder gingen we weg van de hoofdbaan en kregen we een afdaling om dan te beginnen aan de Rosier. Een klim die iets steiler start maar dan een lange uitloop kent en eigenlijk heel gelijkmatig is. Een leuke klim waar je beetje bij beetje kan bijschakelen als de benen goed zijn. Op de top een mooie foto in actie door een clublid die een pak sneller klimt.

Eenmaal iedereen boven gingen we terug verder en zo klim na klim verder. IEdere klim reed ik verder zoals ik begonnen was. Niks aantrekken van het feit dat er nog 2 dagen (veel) moest gereden worden en gewoon pure fun beleven op de klimmen. Het is de eerste keer dat ik zo klom. Ik wilde gewoon testen waar ik stond. En blijkbaar lag me dit goed. Sparen op de steile stukken om dan op een zwaarder verzet en danseuse aan te zetten en dit verzet aan te houden en door te knallen.

Na een 60-tal kilometer en een zeer zeer gevaarlijke helling vanuit Chession was het tijd voor een bevoorrading. We stopten bij een bakkerij die ook een mooi terras had. We kochten rijsttaartjes en pizzabaguettes. We vulden de bidons bij en genoten ondertussen van het superweer.

Na een welgekomen rustpauze zetten we de tocht verder. Er kwamen nog enkele klappers van hellingen met direct al de zijkant van de Rahier die toch een stevige klim bleek. Deze gaat dan direct over in de Rahier zelf. Een lange klim die niet echt steile stukken heeft maar wel zeer lang is. Eenmaal boven was het eventjes wachten op de rest maar samen uit, is samen thuis.

Toen we terug vertrokken werd onze afdaling echter vlug gestaakt. De ronde van België kwam namelijk onze richting uit en we dienden langs de kant van de weg te wachten. Leuk om eens de koers te zien en gelukkig was het al lekker aangenaam weer. Het leverde in ieder geval een mooie foto op.

Na een tiental minuutjes konden we onze weg vervolgen. De volgende hellingen waren minder lastig. Maar we waren aan het opbouwen naar de grote finale namelijk de Cote de Wanne. Best wel een behoorlijk beest. 2km lang, 8.2% gemiddeld en een maximale hellingsgraad van 15.2%. Een beest dus. Voor je de Wane oprijdt ga je eerst nog een kleine helling over vooraleer je je in deze afdaling kan lanceren en toch al enkele “gratis” meters kan nemen op de helling. Het leverde in ieder geval een mooi zicht op de Wanne voor je deze afdaling aanvat. Als je goed kijkt zie je tussen de 1ste en de 2de electiricteitspaal een weg naar boven. De Wanne zelf buigt dan verder af tot op de top rechtsboven de beboste helling op de foto.

Eenmaal de Wanne over was het in dalende lijn naar Stavelot alwaar we de Ravel naar Malmedy namen om zo naar ons vakantiehuis te rijden. Enkel de Cote de Chodes stond nog in onze weg maar dit is een heerlijke loper waar ik nog eens alles uit de kast haalde. Net na de top is er nog een uitloper en trachtte ik nog de clubmaat voor me in te halen (niet gelukt) en stond er een fotograaf die me op mijn mooiste fotografeerde 😀 Met een spatbordje achteraan want ja, het zou regenen vandaag volgens het KMI. De ballen waren goed aan het zwieren ook.

Eenmaal terug in de chalet kon het culinaire festijn weer beginnen en kregen we verschillende zeer lekkere hapjes en een zalig hoofdmaal.

Jonathan reed, na zijn buik- en darmklachten natuurlijk ook mee maar hij deed het een pak rustiger omdat hij zich wilde sparen. Nog niet alles was 100% in orde en we waren nog lang niet thuis. Hij is op vrijdagavond ook vroeg in bed gekropen en dat heeft hem zeker deugd gedaan. En zo eindigde dag 2. Een leuke dag met een zeer leuke, doch zware rit (details hier) en met een leuke bende! Op naar dag 3!

Fiets4daagse Dag 1: Go Forth!

Het is weer voorbij. De fiets4daagse. Net zoals vorig jaar breiden Jonathan en ik een extra stukje aan het WTC Surplatse weekend door op vrijdag met de fiets van Kortrijk te vertrekken naar Malmedy en maandag terug te fietsen. Nu, bijna 2 weken later zal ik wat over mijn fiets4daagse schrijven. Daar het te veel zou zijn om in 1 post te doen zal ik het spreiden over meerdere posts. Dit is deel 1.

Op vrijdag was de start om 05u. Reden hiervoor is omdat de rit naar Malmedy lang is en veel hoogtemeters telt namelijk net geen 280km en 3883HM. (Rit 1) Een pittig ritje dus. Stipt om 05u kwam Jonathan aangereden en vertrokken. Dit jaar al weer iets beter voorbereid dan vorig jaar, hadden we beiden een zadeltas mee om niet al te veel materiaal op onze rug te moeten dragen. Ook heb ik een kleine frametas en mij opzetstuur. Dit laatste vind ik zeer handig omdat je eens kan veranderenvan positie op de fiets. Als ik lang in 1 houding moet zitten, krijg ik soms last van de rug en de schouders. Het opzetstuur helpt me wel goed.

En zo zijn we vertrokken. In het begin van de dag was het best fris. Een groot verschil met vorig jaar toen we om 5u al in volle zomertenue konden aanzetten. De temperaruur bedroeg rond de 11 a 12 graden en zo bleef het toch wel een tijdje. Je kan mooi zien aan onze outfit dat we toch een beetje ingepakt waren.

De kilometers gingen goed vooruit. De lucht zag grijs en alhoewel diverse weersvoorspellingen ons regen toewensten, was het pas net voor onze eerste stop dat het begon te regenen. Gelukkig kwamen we net toe bij Krant&Zo, een dagbladhandel/bakkerij met zitruimte, te Pepingen alwaar we een ontbijtje namen. Jammer genoeg waren de koffiekoeken al uitverkocht maar er lagen nog wat taartjes en dergelijke en de koffie was lekker.

Na een klein half uurtje was het ontbijt achter de kiezen en vertrokken we weer. TOen we buitenkwamen, was de regen weg en trokken de wolken weg. We zagen zowaar al de blauwe lucht .En het kwik was vlug stijgende. Algauw reden we door het Hallerbos. Een prachtige passage waar ik vorig jaar ook van genoten heb.

Hallerbos

Eens het Hallerbos gepasseerd zaten wel al vlug in Waterloo. Hier kregen we ook de eerste offroad stukjes onder de wielen. Dit jaar heb ik de fouten uit het parcours gehaaldwant toen hadden we echt een paar zeer lange en onberijdbare stukken offroad. Dit jaar waren de stukken offroad tot een minimum beperkt maar soms is een goeie verharde strook offroad beter dan het geasfalteerde alternatief.

We reden door en stilaan werd het warmer en warmer en tegen de middag toen we in Eghezee waren, reden we al volop in de zon en was het tijd voor onze tweede bevoorrading. De truitjes gingen open, de mouw- en beenstukken af. De buff stopte ik ook weg en het was heerlijk genieten van de zon. En odertussen aten we een lekkere pizza. We namen elk een andere pizza en deelden die. Vorig jaar hadden we geleerd op tijd te stoppen met eten en ons niet vol te proppen en elk lieten we een stukje pizza achter. Aangevuld met een paar cola’s elk. Als er iets is waar we sloten van gedronken hebben dit jaar, is het toch wel cola.

Met de buikjes en de bidons terug goed gevuld vertrokken we naar onze volgende hindernis namelijk de muur van Huy. Net als vorig jaar stond deze op ons programma. En net zoals vorig jaar was het weer broeierig heet. Maar we zijn boven geraakt op ons eigen tempo. Onze bidons raakten wel vlug leeg maar gelukkig had ik nog wat mini blikjes cola bij om te drinken en het deed deugd om bovenaan de muur een blikje te drinken.

De Muur van Huy

We waren nu al goed over halfweg en we begonnen de inspanning nu al goed te voelen. De warmte maakte het natuurlijk extra lastig. Dit was veel warmer dan wat voorspeld was. We reden verder, kregen nog een stukje offroad onder de wielen en net wanneer we vreesden niet op tijd drank te vinden, kruisten we een grote weg met in de verte een crèmerie. De keuze was vlug gemaakt. Bidons bijvullen, cola zuipen en crèmeke eten!! Maar de maag zat eigenlijk behoorlijk vol en we kregen onze banana split zelfs niet op. De pauze daarentegen was zeer welgekomen en de het vochtverlies begon door te wegen.

Ondertussen was het al bijna 17u. Al 12u onderweg. Gezien de afstand en het parcours dat we afgelegd hadden, waren de benen voor beiden wel nog ok. Op naar de volgende stop namelijk het fietscafé Le Coffeeride in Coo. We hadden in totaal nog een 45tal km te gaan en Le Coffeeride lag slechts een km van ons af. Niet veel in afstand maar het overgrote deel van de hoogtemeters van de rit rijden we in de laatste 80km dus wegen de laatste loodjes hier zeker zwaar door. Stilaan begon Jonathan last te krijgen van maag en darmen. Geen idee wat precies de oorzaak was. De nacht ervoor had hij door omstandigheden weinig kunnen slapen en de warmte die veel plotser kwam dan verwacht in combinatie van de inspanning zal vermoedelijk wel de boosdoener geweest zijn. We reden verder op een rustig tempo. En probeerden de moraal hoog te houden. Samen liedjes zingen enzo. 😉

Ain’t no mountain high enough

Een lach kon er nog af, blijven rijden dus :D. Even later haalden we onze laatste stop. Weer cola zuipen dus. En nogmaals bidons bijvullen alhoewel onze eindbestemming slechts 18km verder lag. Het was gewoon nodig. Echter nu gewoon water. Sportdrank wilde er bij mij toch ook niet echt meer in.

Le Coffeeride

Net achter Le Coffeeride bevindt zich de leuke helling Thier de Coo. Een verschrikkelijk beest, zeker na 252km in het zadel. Halverwege de helling hebben we daar een noodstop moeten invoeren. Laat ons zeggen dat een van ons twee nu een volwaardige bospoeper is ;-). Na Thier de Coo wordt de afdaling richting Stavelot ingezet en rijden we via een prachtige Ravel Malmedy binnen. Daar had ik voor het 2de jaar oprij het fantastische idee om de Côte de Chode via een binnenweggetje op te klimmen. Dit binnenweggetje is echter veel steiler dan de echte klim. Daar werd er door de bospoeper nog een vruchtbare bodem neergelegd voor een toekomstige colaboom. Het ging dus niet meer zo goed met Jonathan. Zelf was ik ook blij dat we er bijna waren. Kaputski!!

Kaputski

Uiteindelijk arriveerden we rond 20u45 (tijd op camera staat een uur vooruit). Met de pauzes erbij waren we 15u45m onderweg waarvan we 12u34m effectief in het zadel gezeten hebben. Dat is goed voor 279.96km fietsplezier en een gemiddelde snelheid van 22.3km/u en 3883 hoogtemeters. (Rit van de dag)

Verleden jaar waren we 16u17m onderweg waarvan 12u39m in het zadel en 282km en 3664hm. De gemiddelde snelheid lag hierbij op 22.4km/u. En het was van ‘s ochtends tot ‘s avonds zeer warm. Alhoewel naar mijn gevoel de rit vlotter ging, reden we dit jaar dus ietsje trager. Geen idee hoe dat komt. Maar uiteindelijk zijn we toegekomen en de benen voelden, voor zover ik dat nog kon herinneren, wel beter aan dan vorig jaar. Op naar dag 2 dus. Maar dat wordt een nieuwe post met helaas (of net gelukkig :P) minder video’s.

O ja, het belangrijkste zou ik nog vergeten. Het avondmaal die werd bereidt door onze 2 superkoks namelijk verse paella! Heerlijk!

Ready for take-off

Het is bijna zover. Morgen vertrek ik om 5u samen met mijn fietsmakker Jonathan naar Malmedy. En zo begint onze fiets vierdaagse. Alles staat zo goed als klaar. De fiets staat al bepakt en bezakt.

De routes voor de 4 dagen zijn gemaakt en net zoals vorig jaar heb ik mijn spiekbriefjes gemaakt.

Nu vlug gaan slapen en hopen op vier dagen droog weer en veel fietsplezier! Zoals altijd als ik een grotere rit doe, post ik doorheen de dag foto’s op mijn instagram.

Het Grote Avontuur

Onlangs maakte iemand de opmerking dat zo een blog start met veel goede intenties maar dat dit vaak niet blijft duren. De persoon in kwestie doelde op mijn blog. Feit is dat ik de laatste maanden slechts 3 blogposts heb gemaakt. En dit heeft vooral te maken met de verbouwingen. Ik heb vaak de fut niet om ‘s avonds nog iets te typen. Vandaag echter wel. Dat komt ook omdat het einde in zicht is. Ook omdat er wat fietsavonturen in het verschiet liggen. Maar first things first nl. de verbouwingen.

Kleine update sedert mijn vorige post over de verbouwingen. Natuurlijk zijn mijn vader en ik al een pak verder gevorderd. Buiten 1 muur die nog helemaal beslaan is met OSB plaat moet enkel nog het plafond in gipsplaat bezet worden evenals alle muren. De gipsplaat wordt gewoon tegen de OSB plaat gevezen. De electriciteit ligt buiten nog 2 kabels voor de lichtpunten in 1 kamer en de zolder is af. Het ziet er weer wat meer kamer uit en geen werf. En omdat beelden meer zeggen dan duizend woorden voeg ik gewoon enkele foto’s bij de daad.

De foto’s zijn doorheen de dag genomen duis je ziet op sommige foto’s nog wel een muur waar geen OSB hangt en op andere dan plots wel. Maar dat is dus waar we staan. Een heel pak verder.

Maar met het vorderen van het jaar en het lengen van de dagen, breekt de tijd van de fietsavonturen stilletjes aan. En net zoals vorig jaar vertrek ik vrijdag terug op een fiets 4-daagse. Ik vertelde al van de vorige in mijn eerste blogpost. Wel, dit jaar gaan Jonathan en ik dat nog eens herhalen. We starten terug op vrijdag om 5u voor de tocht vanuit Kortrijk naar Malmedy waar we de andere leden van WTC Surplatse terug zullen ontmoeten. Er zal iemand zo vriendelijk zijn om onze bagage mee te nemen met de auto. Ter plaatse fietsen we op zaterdag en zondag samen met de club. In de namiddag fietsen we dan nog naar Kelmis alwaar we overnachten. En op maandag keren we gewoon terug naar huis. Ik verlang hier al zo lang achter. Dit is al een van de leukste dingen die ik gedaan heb op de fiets.

En er komt nog een vervolg aan. Op 10, 11 en 12 juli rijden Jonathan en ik de Rond van Vlaanderen via het Vlaamse fietsroutenetwerk. In 3 dagen tijd rijden we zo meer dan 800km en maken we een mooi rondje door Vlaanderen. En tegen dat dat goed en wel verteerd zal zijn, vertrek ik in september naar Bormio om daar enkele Alpenreuzen te gaan bedwingen. Maar meer daarover later. Eerst al stilletjes aan beginnen pakken voor het grote avontuur vrijdag!

Belgium by night

Zoals je wel of niet weet ben ik nogal aangetrokken tot het grote avontuur op de fiets. Lange fietstochten maken en nieuwe streken zien. Een ganse dag op de fiets, dat is voor mij echt genieten. Sedert ik een tiental jaar geleden het bestaan van het randonneursgebeuren leren kennen heb, heb ik mezelf altijd voorgenomen om lange tochten te doen. Dit lukt helaas niet altijd. Er zijn altijd wel links of rechts wat sociale verplichtingen en er is ook nog een vrouw en kind die mij ook wel nog graag eens thuis zien. Alhoewel ik zeker niet mag klagen over de vele ritten die ik kan doen en waarbij ik een evenwicht kan houden tussen gezin en fietsen, moet ik zeker niet proberen om iedere week 200km of meer te fietsen. Het is te zeggen, ik kan dat wel proberen maar het slot van de voordeur zou misschien wel plots veranderen. 😉

Sedert vorig jaar heb ik meer tijd om te fietsen en doe ik dus langere tochten. En door meer lange tochten te fietsen, gaat er opnieuw een wereld open van ritten waarvan je nog nooit gehoord hebt, zoals de Duo-diagonaal die onlangs weer is gereden. Ik heb deze vorig jaar leren kennen en zou deze graag eens rijden. Ik ga niet uitleggen wat de Duo-diagonaal is maar een leuke post door iemand die deze gereden heeft, is hier te vinden. De afstand is iets waar ik al enkele keren dichtbij gekomen ben. Wat voor mij een grote onbekende is, is ‘s nachts rijden. Want ja, deze rit wordt hoofdzakelijk ‘s nachts gereden.

Ik wilde dus al een tijdje eens een echte nachtrit doen. Maar dat plan je niet zomaar in. Maar gisteren vielen alle puzzelstukjes plots op zijn plaats. Ik kan namelijk even niet doordoen aan mijn verbouwingen. Ik heb dringend nood aan wat extra fietskilometers. En mijn vrouw en ik waren uitgenodigd op een verjaardagsfeestje in Asse. Nu, we konden daar door omstandigheden samen niet naartoe. Maar nu had ik plots een reden om een nachtrit te doen en onderweg eens een proficiat te wensen aan @ntone!

Zo gezegd, zo gedaan. Op donderdag vlug een route in elkaar geflanst zonder al te veel over na te denken. Bleek dat Asse op zo een 86km van Kortrijk lag. En ik merkte meteen op dat het Atomium eigenlijk kortbij lag. Een 2de mooie stop dus om te maken. En van het Atomium kon ik makkelijk inpikken op de route naar Kortrijk die ik al gereden had vorig jaar om van Kortrijk naar Malmedy te rijden dus ik wist dat die route wel ok zou zijn.

Op vrijdagavond om 17u30 begon mijn ritje dus. Met een grote zak goesting, 5 botersandwichen met een royale laag boter en choco, 2 suikerwafels, 2 1l bidons en poeder om onderweg die bidons bij te vullen zette ik aan. De fiets was voorzien van lampen vooraan die fel genoeg zijn om de weg voor me te verlichten en achteraan goed genoeg om me zichtbaar te maken in het verkeer.

Vooraan 2 lampen. Eentje die meer dan voldoende is om op verlichte banen zichtbaar te zijn en extra zichtbaarheid te geven voor mij en eentje die me bij complete duisternis genoeg licht zou geven om toch te kunnen blijven rijden. Achteraan vind je mijn Bike Balls die zeer goed zichtbaar zijn en doordat ze los hangen continu slingeren en zo extra zichtbaar zijn. Achteraan mijn helm hangt er nog een lamp met 2 fel knipperende rode LEDs.

De rit naar Asse was voor mij dus een grote onbekende en ik reed dus gewoon compleet op GPS niet wetende langs waar de route me zou brengen. Ik was zeer aangenaam verrast dat de route me een flink stuk langs het jaagpad van de Dender bracht. Een van de mooiste jaagpaden die er zijn langs een prachtig stuk natuur. En net op dat moment begon de zon er een einde aan te breien van de dag waarbij ik een mooie foto kon nemen. Google was zo vrij om mijn foto automatisch te stileren waardoor de foto er nog prachtiger uitziet.

Een half uurtje later stond ik in Asse maar vond ik niet direct het zaaltje waar ik moest zijn. Gelukkig stopte er net een dame aan wie ik de weg kon vragen. Dan rij je eens weg van je woonplaats om dan net een West-Vlaming te spreken. En evenmin als ik kende zij zelf eigenlijk de omgeving niet zo goed. Ze kon me wel in de juiste richting wijzen. We stonden letterlijk op 50m van de zaal :D.

Eerste stop gehaald zonder pech en zeer veel bevriende twitteraars kunnen zien. Tijd om mijn sandwiches op te eten en wat recupdrank tot mij te nemen. Een goeie motor draait niet zonder brandstof he. (Kleine noot: Het was geen Duvel maar wat het wel was, weet ik niet meer)

Ik had eigenlijk best wel zin om langer te blijven omdat er zoveel tweeps waren die ik nog verder wou spreken maar ik heb van mijn hart een steen gemaakt en mijn bidon hervuld, nog een extra colaatje genomen, wat chips en borrelnootjes en terug vertrokken. Volgende halte was BXL-city!!

Het verraste me hoe makkelijk ik van deze kant in BXL stond. Nog geen 15km later stond ik al aan het Atomium en niet veel later al aan de basiliek. Ik wist zelfs niet dat ik langs de basiliek zou passeren. Tot dan vielen de wegen in BXL wel mee. Mede doordat er niet zoveel verkeer meer was (het was al na tienen) en ik de indruk had dat ik net naast de invalswegen aan het fietsen was.

Jammer genoeg hield ik mijn GSM scheef vast. Reden genoeg dus om nog eens terug te gaan 😀

Eenmaal ik goed en wel weg reed van het Atomium begon de miserie eigenlijk. Ik had via mijn routeplanner zonder na te denken gewoon automatisch een route laten uitstippelen van aan het Atomium tot in Pepingen, waar ik op de route zou inpikken van Kortrijk naar Malmedy, maar dan omgekeerd natuurlijk. De route liep vanaf dan voor een kilomter of 9 langs een grote weg en ik was naïef te denken dat er fietspaden zouden liggen.

Niks daarvan dus. Hier en daar een stukje maar hoofdzakelijk moest ik op de baan rijden, die een tweevaksbaan was en die naar mijn mening soms nauwelijks breed genoeg was voor twee voertuigen. Ik mag eigenlijk best mijn twee handen kussen dat ik hier ‘s nachts reed want overdag zou ik hier zeker en vast van mijn sokken gereden worden. Nu nam ik quasi een baanvak in voor mijn eigen veiligheid en dienden de voertuigen naar het andere vak te gaan om langs mij te passeren. En verkeerslichten. Quasi ieder kruispunt had ik rood licht. En als ik nu achteraf naar de route kijk, zou ik niet eens direct een beter alternatief kunnen voorstellen dan vanaf het Atomium een stuk terug te keren en rond BXL te rijden. Nu, ik heb het overleefd en dat heb ik eigenlijk grotendeels te danken aan het feit dat BXL quasi verlaten is ‘s nachts. Ik kan me niet voorstellen hoe je hier overdag als fietser kan rijden zonder ongevallen.

Eenmaal voorbij Anderlecht begon ik terug kleinere banen te hebben. Vanaf hier begon naar mijn aanvoelen het echte nachtrijden. Niet iedere baan was verlicht en ik had dan ook mijn lampen nodig. Of anders gezegd, 1 lamp want mijn ene lamp gaf al na 5 minuten de geest. Vergeten op te laden. Gelukkig was dit mijn minst felle lamp.

‘s Nachts rijden is toch wel speciaal. De bochten neem je voorzichtiger omdat je niet zeker bent als er iets van steentjes of putten ligt. Afdalingen neem je natuurlijk ook een pak voorzichtiger omdat je niet zo ver kan zien en anticiperen overdag. En je moet wel wat vertrouwen hebben in je eigen kunnen. Als je niet met voldoende vertrouwen op je fiets zit, ga je ‘s nachts rijden echt niet leuk vinden. Je rijdt af en toe in een put. Je rijdt eens over een steen of iets anders. Dat moet je gewoon een beetje ondergaan.

Ondertussen begon ik wel redelijk wat last te hebben van mijn onderrug. Door de afgelopen weken veel gebogen te werken en veel dingen te heffen, had ik al wat last gekregen van de spieren in mijn onderrug. Dit wreekte zich nu toch wel al na een 120km. Tijd om een mentaal truukje toe te passen namelijk minidoelen zetten. Mijn eerstvolgende stop zou op 140km zijn. Dan zou ik eens de rug ontlasten, een plaspauze houden en iets eten. Doordat je een minidoel zet lijkt het einddoel, dat nog 87km verwijderd is, minder lang en ver.

Toen ik bijna aan 140km zat, zag ik dat ik door Tollembeek reed. Ik herinnerde me plots dat de route in principe langs het standbeeld van Urbanus liep. En ja hoor, een minuutje later zag ik Urbanus staan samen met Amedee en Nabuku Donosor. Ideaal als stop. Vlug even een foto nemen, even plassen (niet tegen het standbeeld!) en een suikerwafel eten.

Ik deed mijn regenjasje aan en een extra buff op mijn hoofd. De temperatuur was ondertussen al richting het vriespunt aan het gaan en ik begon op de fiets toch wat koud te krijgen. Ik was mezelf zeer dankbaar dat ik in extremis toch beslist had om deze mee te nemen want ik weet anders niet hoe ik zou thuis geraakt zijn.

Met hernieuwde moed vatte ik mijn tocht opnieuw aan. Ik wist nog dat er nu nog enkele moeilijke kilometers aankwamen. De tocht ging nu immers door de Vlaamse Ardennen. En alhoewel ik de route de echte heuvels mijdde, wist ik dat er niet veel vlakke wegen gingen komen de komende 50 a 60km.

Na een 15tal km begon de rug opnieuw op te spelen en ik zette mijn volgend minidoel op 180km. Nog eventjes te gaan maar ik wist dat als ik eenmaal daar ben, ik slechts een uurtje meer te gaan had. Dat motiveerde me wel. Het tempo stokte nu wel door het constante op en neer gaan van de route. Mentaal begon het zijn tol ook wat te eisen nu. Toen de 180km in het zicht kwamen, zag ik dat ik bijna in Berchem, nabij Kluisbergen was. Vanaf daar ken ik de wegen al iets beter en wist ik dat de route quasi vlak zou zijn. Dit gaf me mentaal wel weer een boost en ik reed nog even verder om rond de 183km een laatste stop te doen bij een krantenwinkeltje waar er een bank buiten stond. Door de koude en het niet meenemen van overschoenen, begon ik nu wel pijn te krijgen aan mijn voeten. Een vlugge stop dus en hup met de geit. Vanaf nu begon het aftellen. Ik perste er de laatste restjes mentale en fysieke eruit en begon kilometer voor kilometer af te tellen. En zo kwam ik omstreeks 03u40 thuis.

Tijd om nog wat te eten en een lekker warme douche te nemen. Doordat ik niet meer fietste en gewoon stilzat aan de eettafel, begon ik plots zeer koud te krijgen. Vlug gegeten en een hete douche genomen en dan natuurlijk bedje binnen voor een welverdiende nachtrust.

Wat heb ik nu geleerd van deze avondrit?
1. Meer kleren meedoen
2. Toch even kijken om iets van fluokledij aan te schaffen
3. ALLE lampen opladen voor vertrek
4. Bochten en afdalingen verlopen een stuk trager. Misschien ook eens nadenken om nog een extra lamp te monteren voor nog meer overzicht
Maar vooral, los van de pijntjes die ik had wegens de verbouwingen, lukt nachtrijden me. Dus dit opent perspectieven naar volgend jaar toe voor de duo-diagonaal.

Maiden trip

Februari is reeds goed begonnen en eindelijk is de dag aangebroken. Niet belemmerd door het werk, regen, sneeuw of ijzelplekken kon ik mijn eerste rit doen met mijn (zo goed als) nieuwe fiets. Het was reeds van begin januari geleden dat ik nog eens op de koersfiets zat. Het begon me danig te irriteren dat ik ten opzichte van vorig jaar behoorlijk achter liep qua gereden kilometers. Om de motor dan maar goed aan te zwengelen plande ik dan maar een grote rit. Ca. 150km was het doel. Van de initieel geplande rit kwam echter niet veel in huis. Enkele dagen voor ik ging rijden kreeg ik plots het bericht van Sven (te volgen op Twitter, Instagram of zijn blog) dat hij in plaats van woensdag op dinsdag 05 februari zijn rit van de provinciedomeinen zou rijden. Ideaal, want hij zou vertrekken vanuit Brugge richting Kortrijk en ik zou makkelijk kunnen tegenrijden om hem een stukje van zijn tocht, 305km in totaal, te vergezellen.

Zo gezegd, zo gedaan en iets boven Roeselare hebben we elkaar ontmoet. Het was alweer een tijdje geleden dat we elkaar gezien hadden. Ik rij wel graag Sven zijn ritjes. Je kan er prat op gaan dat er altijd een stukje off-road in zit en dat geeft toch altijd een leuke twist aan de rit. Ik ben niet echt fan van MTB ritten ofzo maar zo hier en daar een stukje off-road met de koersfiets vind ik altijd grappig. Het thema van de rit was een bezoekje brengen aan alle provinciedomeinen die West-Vlaanderen rijk is. Samen bezochten we dus een 6-tal domeinen (ik heb ze niet echt geteld).

Al vlug kwamen we aan het eerste domein, namelijk het Sterrebos waar er een mooi kasteel op het domein staat. Leuk om een foto te nemen van #teamCanyon. Van daaruit reden we verder om enkele uren later stilletjes aan wat “technische passages” te nemen zoals Sven het mooi omschreef. We trokken toen door “De Gavers”. Een provinciedomein die me zeer bekend is aangezien het dicht bij huis is en waar ze een supermooie speelweide hebben. Je kan er tevens mooi wandelen.

Al rijdende nam Sven soms wat foto’s. Leuk voor mij. Dan heb ik wat extra beeldmateriaal van mezelf aan het werk. Zo zie ik ook nog eens dat er dringend werk moet gemaakt worden van die extra kilootjes.

Rond 13u hadden we provinciedomein Bergelen achter ons gelaten. Daar is door mij een klein foutje in het parcours geslopen en hebben we voor de eerste keer echt in de modder gereden. Maar wat erna kwam, was veel leuker. Lunchtime!! Ik ken de streek vrij goed hier en ik wist Sven op voorhand te vertellen dat er een lekkere broodjeszaak bij dit domein lag. En aangezien een goede motor niet zonder brandstof kan, zijn we dan ook gestopt in Hap! om te eten.

Nadat ons buikje gevuld was, ging #teamCanyon terug de baan op. Nu richting de Gasthuisbossen. Een relatief nieuw provinciaal domein die uit 4 bosgebieden bestaat. Hier werden de technische passages wel heel technisch en moesten we veel ploeteren. Dat was wel leuk. Iets minder leuk was wel dat we telkens voetgangerspoortjes tegenkwamen. Daar dienden we telkens af te stappen en met onze fietsen te voet door de poortjes te gaan. Maar eigenlijk is dat niet echt een reden om te klagen aangezien je in principe daar niet rijdt met de fiets.

Vlak na de Gasthuisbossen zaten we al vlug in De Palingbeek, waar je zelfs dwars door een golfterrein fietst. Wat ik altijd absurd vind, is dat er aan het begin van dit stuk er een bord staat dat wegens het gevaar voor uit koers geraakte golfballen je als fietser moet afstappen. Alsof je al fietsend meer kans hebt om geraakt te worden door een golfbal. Na De Palingbeek ging ik alleen verder. Op dat moment had ik al een 115km op de teller en ik moest nog de zoon afhalen op school. Sven moest, denk ik, nog een 150km verder. Respect! De laatste 10 a 15km had ik het wel wat lastig. Ik vermoed dat gezien ik gedurende een maand niet meer langer dan een uur gesport heb, mijn lichaam dit weer wat gewend moet worden.

Uiteindelijk thuis afgeklokt op net geen 148km. Door de vele technische passages werd het gemiddelde wat gedrukt maar dat is zeker niet het belangrijkste op zo een rit. Ik heb opnieuw kunnen genieten van een zeer mooie tocht in leuk gezelschap. Sven is uiteindelijk iets voor 23u gearriveerd. Hoe hij zijn rit ervaren heeft, kan je lezen in zijn blogpost. Op zijn blog staan trouwens nog zottere avonturen.

Ik hoop dat vanaf nu het weer een beetje meewerkt en ik nog meer kan fietsen. En o ja, de fiets? Die is goedgekeurd!! Ze heeft ondertussen ook haar eerste wasje achter de rug want het was nodig.