De koers is terug waar ze behoort

De koers is terug waar ze behoort. Waar is dat, vraag je je af? In België natuurlijk. Waar het geratel van de ketting over de kasseien klinkt als het zingen van een nachtegaal in het bos. Waar de beenspieren kreunen onder de inspanningen van het klimmen op molshopen die we met veel bravoure toch bergen noemen. Waar menig wielerfan een kaarsje brandt voor regen, koude en een gure wind die door merg en been gaat. Of toch op de momenten dat wij als wielerfan ons binnen kunnen verwarmen voor de gloed van ons TV-scherm terwijl de dwangarbeiders van de weg wroeten voor ons vermaak.

De koers. Ik bedoel hier dan eigenlijk vooral de voorjaarsklassiekers. Voor sommigen duurt dit tot eind april wanneer de finishlijn in Luik is overschreden. Voor mij, Flandrien liefhebber pur sang, is het voorjaar gedaan na Paris-Roubaix. Ironisch genoeg een koers die niet in België gereden wordt maar waar het slingerende parcours voor een dag wel een stukje geannexeerd Vlaanderen wordt.

En als de koers echt dichtbij komt, begint het bij mij ook ferm te kriebelen. De kasseien lonken verleidelijk en ik overkom mijn vrees om terug hoogtemeters te maken. Met het goede weer aan mijn zijde en twee dagen waarop ik kon fietsen, was de keuze vlug gemaakt. Een verkenning van wat kasseistroken en bergen voor de aankomende koersen dit weekend namelijk Omloop Het Nieuwsblad en Kuurne-Brussel-Kuurne.

De eerste rit zou een verkenning zijn van Omloop Het Nieuwsblad. Een koers die ik toch ieder jaar graag zie. Een mengeling van kasseistroken, hellingen en een combinatie van die twee. Ik had niet de tijd om het volledige parcours te rijden dus maakte ik voor mezelf een Mini-OHN tour. Ik probeerde zoveel mogelijk kasseistroken en hellingen te rijden die de profs onder de wielen geschoven krijgen zaterdag. Niet perse in de juiste volgorde want ik probeerde zoveel mogelijk stroken en hellingen in een 4u durende rit te duwen. Uiteindelijk kwam ik met een mooie samenstelling. Voor de handigheid een papiertje gemaakt om mee te nemen op de fiets zodat ik weet wat ik precies aan het rijden was.

Voor de liefhebbers onder ons, klinken deze namen als muziek in de oren. De vele kasseistroken waren lastig en, als je ze in de juiste richting oprijdt, oplopend. Dus naast het feit dat je al moet afrekenen met het dokkeren op de kasseien heb je ook nog het genoegen om licht omhoog te gaan. Een zeer lastige combinatie maar net daarom leuk! Ik hou wel van kasseien. Kasseien horen lastig te zijn.

De hellingen gingen ook wel goed maar ik ben geen klimmer. Daarvoor ben ik veel te zwaar en momenteel sta ik ook nog eens zwaarder dan anders. Daar moet ik dringend werk van maken maar de zin in eten is momenteel nog te groot. Op gebied van eten heb ik toch best een zwak karakter. Doordat ik op tijd thuis moest zijn, heb ik wel op de tussenstukken steeds goed doorgetrokken en eigenlijk wel dieper gegaan dan eigenlijk goed was. Zeker met de rit voor de dag erna in gedachten. Maar er was nog tijd genoeg om foto’s te maken. 😉

En zoals altijd kon een stuk off-road niet ontbreken.

De dag erna stond een verkenning van Kuurne-Brussel-Kuurne (KBK) op het plan. Door het werk zat ik pas om 2u30 in bed. Maar geen probleem. De zoon was de ganse dag weg van huis dus ik kon uitslapen en pas tegen de middag vertrekken, wanneer er heerlijk warme temperaturen voorspeld werden. En ik had geluk, ik kon in zomertenue vertrekken. Weliswaar met mouwstukken omdat het toch nog wat fris was maar wel terug in korte broek en zomerhandschoenen.

KBK is een ander type koers. Quasi geen kasseien. Maar KBK telt wel een pak meer hoogtemeters. Vandaag was dus klimmen geblazen. Net zoals bij de verkenning van OHN nam ik de hellingen van KBK en probeerde ik te zien hoeveel hellingen ik gedaan kon krijgen. Deze fietste ik wel min of meer in volgorde zoals de profs ze doen maar niet perse dezelfde weg van de ene helling naar de andere. De benen voelden wat vermoeid aan maar op zich voelde alles wel top aan. Op weg naar de eerste echte helling van de dag, maakte ik wel een kleine ommetoertje om zo nog eens de Koppenberg te doen. Een kloteberg maar ik wil hem wel ieder jaar 1x oprijden. Zo gezegd, zo gedaan en dan kan ik hem maar onmiddellijk van de lijst schrappen voor 2019. De Koppenberg zie je al van ver blinken als ware het een puist in het landschap die moet uitgeduwd worden.

Eens boven voelde ik toch dat de benen een pak vermoeider waren dan gedacht. Dat beloofde niet veel goeds voor de rest van de rit maar ik nam mezelf voor om me niet te forceren en alles op het gemak te doen. Voor ik mijn tocht terug verder zette, nam ik nog vlug een foto van deze wonderbaarlijke kasseihelling waar zelfs de profs tijdens De Heilige Ronde hun tanden op kapot bijten. Het blijft toch een prachtig zicht. Badend in de zon ziet het er eigenlijk allemaal zo lastig niet uit. 😉

De moraal zat dus wel nog goed en ik vatte mijn weg aan naar La Houppe. Door een foutje in mijn routeplanning, reed ik La Houppe langs de zijkant op. Onvergeeflijk natuurlijk dus reed ik op de top de juiste kant naar beneden om vervolgens 180° te draaien en deze te beklimmen. La Houppe is echt wel een van de mooiste hellingen in de wijde regio. Een toptip om deze te rijden. De beste periode om deze te rijden is in de herfst wanneer er zich door invloed van het seizoen een kleurenpalet ontplooit die adembenemend is. Vandaag diende ik het jammer genoeg te stellen met kale bomen die nog geen enkel blaadje droegen.

Eens boven op La Houppe wist ik dat de hellingen zich nu in korte tijd zouden aanbieden. Jammer genoeg geraakte ik La Houppe al met moeite op. De hartslag bleef laag maar de benen waren gewoon vermoeid. Ik had de kracht niet om mezelf echt op een goed tempo verder te duwen. Maar blijven doorgaan was de boodschap. De volgende op de lijst was de Kanarieberg die langs het Muziekbos loopt. Het Muziekbos is trouwens ook een aanrader voor een familieuitstap. Boven gekomen was het tijd voor een kleine pauze en een fotoshoot met de fiets.

Maar het was van de soep. Ik had nog de moed om de Knokteberg en de Oude Kruisberg te doen maar daarna smeet ik de handdoek in de ring. In principe had ik nog de Kwaremont en de Kluisberg te gaan maar het ging niet meer. Het was geen kwestie van niet genoeg te drinken of eten. Nee, op de vlakke stukken kon ik nog de grote molen ronddraaien. Het klimmen was er te veel aan. De bene waren te vermoeid door de inspanningen van de dag ervoor. Ik korte mijn rit in en ging naar huis. Uiteindelijk ben ik zeer tevreden van deze twee dagen. Ik heb na de tweede rit op woensdag zelfs net geen tan lines in mijn armen. Ik kon reeds na een uurtje rijden al mijn armstukken afdoen. Had ik op de OHN verkenning iets minder kwistig met de beentjes gespeeld, ging mijn KBK rit een pak vlotter gegaan zijn. Maar, laat me even heel eerlijk zijn, met 10kg minder zou ik minstens nog de Kluisberg erbij hebben gedaan.

O ja, en natuurlijk zat er weer een stuk off-road in. Never stop exploring!